Een nieuw onderzoekspaper van de Europese Centrale Bank stelt een ongemakkelijke vraag: zijn DeFi-platforms eigenlijk wel zo gedecentraliseerd als ze beweren? Het paper onderzocht vier grote DeFi-protocollen: Aave, MakerDAO, Ampleforth en Uniswap. De conclusie is scherp. Macht in deze organisaties is sterk geconcentreerd bij een kleine groep mensen. Dat raakt direct aan MiCA, de Europese cryptowet die volledig gedecentraliseerde diensten buiten haar toepassingsgebied plaatst.
Wat het ECB-paper precies onderzocht
DeFi staat voor Decentralized Finance. Het idee is dat financiĆ«le diensten worden aangeboden via slimme computerprogramma’s, zonder tussenkomst van een bank of andere centrale partij. Veel DeFi-projecten zijn georganiseerd als een DAO, een Decentralized Autonomous Organization. Leden van zo’n DAO stemmen over beslissingen via speciale stemtokens. In theorie heeft niemand de baas te spelen.
In de praktijk werkt het anders, blijkt uit het ECB-onderzoek. De meerderheid van de stemtokens is bij alle vier de onderzochte protocollen in handen van een kleine groep. Die groep bestaat vaak uit de oprichters en ontwikkelaars van het protocol zelf, of uit grote crypto-exchanges. Wie de grote stemmers precies zijn, is bovendien moeilijk te achterhalen. Veel adressen op de blockchain zijn anoniem. Deelnemers delegeren hun stemrecht aan anderen, waardoor de macht zich nog verder concentreert.
De onderzoekers noemen dit verschijnsel “Decentralized in Name Only”: gedecentraliseerd alleen op papier.
Wat dit betekent voor MiCA
MiCA is de Europese crypto-regelgeving die sinds december 2024 volledig van kracht is. De wet stelt dat volledig gedecentraliseerde diensten buiten het toepassingsgebied vallen. Er is dan geen vergunning nodig, geen toezicht en geen aansprakelijkheid. Maar MiCA definieert nergens precies wat “volledig gedecentraliseerd” betekent.
Precies daar zit het probleem. Als DAOs in de praktijk worden bestuurd door een kleine kring van grote tokenhouders, zijn ze dan echt gedecentraliseerd? En mogen ze dan nog buiten MiCA blijven? Volgens Cointelegraph zeiden beleidsexperts al eerder dat niemand eigenlijk weet wat EU-beleidsmakers bedoelen met DeFi. Vanaf medio 2026 gaan Europese toezichthouders dat begrip juridisch invullen.
Het ECB-paper voegt daar nu hard bewijs aan toe. Als je kijkt naar wie er echt de dienst uitmaakt in een DAO, zie je geen duizenden gelijkwaardige stemgerechtigden. Je ziet een handvol grote spelers die beslissingen kunnen doordrukken. Dezelfde structuur als bij een traditioneel bedrijf. Alleen zonder naam, zonder adres en zonder aansprakelijkheid.
Wie dit raakt en waarom het ertoe doet
Grote DeFi-protocollen zoals Aave en Uniswap opereren vandaag buiten het bereik van Europese toezichthouders. Als de definitie van “volledig gedecentraliseerd“ strenger wordt, verandert dat. Ze zouden dan vergunningsplichtig worden, moeten voldoen aan kapitaaleisen en klanten moeten identificeren. Voor sommige protocollen is dat het einde van hun businessmodel in Europa.
Tegelijkertijd laat het ECB-paper zien dat er ook een maatschappelijk belang is. Als macht geconcentreerd is en identiteiten verborgen blijven, wie is er dan verantwoordelijk als er iets misgaat? Zoals ESMA eerder stelde: DeFi-diensten met een identificeerbare exploitant kunnen wel onder MiCA vallen.
Het paper geeft toezichthouders nu de argumenten om dat toe te passen op een veel grotere groep dan eerder werd aangenomen.






