Stablecoin betalingen krijgen een nieuwe test tussen Japan en Korea. SBI Digital Practice en Nodeinfra willen met het Musubi Project een grensoverschrijdend netwerk bouwen waarin yen- en won-testtokens gelijktijdig kunnen afwikkelen. Dat klinkt als sneller geldverkeer. Voor ons Collective zit de echte vraag ergens anders: ziet de gebruiker straks wie de uitgever is, waar de off-ramp zit en welke rechten gelden voordat de betaling vertrekt?
| Wat je moet weten |
|---|
| 1SBI Digital Practice en Nodeinfra hebben op 7 augustus 2026 een MoU aangekondigd. |
| 2Ze willen een Japan-Korea netwerk voor stablecoin betalingen bouwen. |
| 3De eerste fase gebruikt yen- en won-testtokens op Canton Network. |
| 4CWC kijkt naar toegang, uitleg en zichtbaarheid voordat dit echte adoptie wordt. |
Wat SBI en Nodeinfra nu bouwen
SBI Digital Practice, onderdeel van de Japanse SBI Group, en het Koreaanse Nodeinfra willen een corridor bouwen voor grensoverschrijdende stablecoin betalingen. Volgens de aankondiging draait het Musubi Project op Canton Network, met privacy-enabled DLT, atomic payment-versus-payment en distributed peer netting.
De eerste stap is nog geen publieke betaalroute. De partijen testen gelijktijdige afwikkeling tussen een yen-denominated test token en een won-denominated test token. Pas daarna willen zij regulated stablecoins gebruiken, afhankelijk van de kaders in Japan en Korea. Ledger Insights plaatst dezelfde stap in een bredere institutionele context: stablecoins circuleren in beide landen nog niet vrij genoeg om dit direct als open consumentenrail te lezen.
Daarom doet de taal rond deze pilot ertoe. In veel headlines klinkt stablecoin payment rails alsof de eindgebruiker al toegang heeft. In werkelijkheid gaat het hier eerst om bankachtige deelnemers, integratielagen, custody, developer tooling en regulatory navigation. Dat is nuttig werk voor builders, maar het is nog geen simpele walletknop voor iemand die familie, een leverancier of een teamlid in een ander land wil betalen.
Waarom stablecoin betalingen nog geen gewone toegang zijn
De FSB zette in juli de schaal van het probleem naast de hype. Wereldwijde grensoverschrijdende betalingen lagen in 2024 rond 200 biljoen dollar, terwijl stablecoin betalingen over grenzen heen in 2025 volgens sommige schattingen onder 0,2 procent van dat totaal bleven. De FSB noemt stablecoins daarom geen silver bullet, maar eerder een mogelijke laag in hybride modellen met bankgeld, FX en settlement.
CryptoFocus rekent dat door. Minder dan 0,2 procent van 200 biljoen dollar betekent minder dan 400 miljard dollar aan stablecoin cross-border flow. Flagship Advisory Partners schat alleen al de addressable B2B-markt voor stablecoins op 22 biljoen dollar. Die B2B-kans is dus meer dan 55 keer groter dan de bovengrens die de FSB voor de huidige stablecoin cross-border share schetst.
Ook de voorraad zegt iets over de afstand tot massaal gebruik. DeFiLlama telde rond 09.20 uur CEST ongeveer 307,31 miljard dollar aan stablecoins, waarvan USDT en USDC samen ongeveer 255,42 miljard dollar vormen. Stablecoins zijn dus groot genoeg om serieus te nemen, maar niet zo breed verdeeld dat iedere nieuwe corridor automatisch toegang, keuze en eerlijke kosten oplevert.

Wat dit betekent voor Nederlandse en Europese explorers
Voor Nederlandse lezers zit de relevantie niet in yen of won zelf. De les zit in de corridorlogica. Als een betaalroute per land, partner en off-ramp verschilt, moet een Europese gebruiker meerdere dingen kunnen zien: welke entiteit de munt uitgeeft, welk toezicht geldt, hoe terugbetaling werkt en welke kosten bij de laatste stap ontstaan.
Dat raakt direct aan MiCA. Europese stablecoinroutes, zoals de recente Bridge MiCA-route, laten zien dat licenties helpen om vertrouwen te bouwen. Maar een licentie maakt de ervaring nog niet vanzelf begrijpelijk. Wie in een app op verzenden drukt, ziet vaak niet of er bankgeld, een e-money token, een tokenized deposit of een andere settlementlaag onder zit.
Daarom is dit ook een onboardingverhaal. In ons Collective spreken we met explorers die niet bang zijn voor nieuwe rails, maar wel willen weten wat zij precies gebruiken. Dezelfde vraag kwam terug in eerdere CWC stukken over Koreaanse deposit tokens en onzichtbare crypto adoptie: wie krijgt uitleg voordat het product gewoon begint te werken?
Waar ons Collective nu op let
Dit is geen koop- of marktsignaal. Voor CWC is het een access test. Als stablecoin betalingen van institutionele corridor naar alledaagse betaling bewegen, moeten de kosten, rechten en grenzen mee zichtbaar worden. Dat geldt voor founders die betaalproducten bouwen, voor community hosts die wallets uitleggen en voor partners die nieuwe rooms willen openen.
Onze CWC-checklist is simpel. Staat er wie de uitgever is? Is de off-ramp concurrerend of zit er maar een deur naar fiat? Kan de ontvanger kiezen tussen wallet, bankrekening en cash-out? Is er verhaal bij de risico’s, of alleen een belofte van snelheid? En wordt privacy uitgelegd als ontwerpkeuze, niet als marketingwoord?
Wil je met ons meedenken over zulke vragen, sluit je dan aan bij het Crypto Women Collective. Builders, explorers en partners kunnen via de CWC-routes instappen, feedback delen en helpen bepalen welke data de volgende Crypto Adoption Index moet tellen. Meer vrouwen in de room begint met betere vragen over de rails waar iedereen straks op moet vertrouwen.
| Wat CWC blijft meten |
|---|
| 1Welke uitgever en welk toezicht horen bij de gebruikte stablecoin? |
| 2Hoe concurrerend is de off-ramp naar lokaal fiat? |
| 3Ziet de ontvanger kosten, rechten en privacykeuzes voordat de betaling vertrekt? |
| 4Welke explorers ontbreken nog in de productdata en rooms? |
Deze publicatie is informatief en vormt geen financieel advies. Doe altijd eigen onderzoek voordat je crypto-assets, stablecoins of betaalproducten gebruikt.






