De Amerikaanse producentenprijzen stegen in mei met 1,1 procent, fors meer dan analisten hoopten. Op jaarbasis kwam de prijsdruk uit op 6,5 procent. Bitcoin reageerde kalm en noteert rond 62.800 dollar. De Fed krijgt het er niet makkelijker op.
| Wat je moet weten |
|---|
| 1Producentenprijzen VS stegen 1,1 procent in mei |
| 2Op jaarbasis loopt de PPI op tot 6,5 procent |
| 3Kern-PPI klom 0,8 procent, het hoogste in maanden |
| 4Bitcoin houdt stand rond 62.800 dollar |
Producentenprijzen stijgen harder dan verwacht
Het Bureau of Labor Statistics meldde donderdag een stijging van 1,1 procent voor de final demand. Dat tempo evenaart het cijfer van april. In maart ging het nog om 0,7 procent. Bijna tachtig procent van de maandsprong komt door duurdere goederen. Energie was de grote aanjager, met een plus van 10,7 procent. Diensten stegen veel kalmer, met 0,3 procent. De cijfers staan in het officiële BLS-rapport.
Waarom de Fed nu klemzit
Voor beleidsmakers telt de kerninflatie het zwaarst. Zonder voedsel, energie en handel klom de PPI 0,8 procent. Op jaarbasis staat die maatstaf nu op 5,1 procent. Een renteverlaging op korte termijn wordt zo lastig te verdedigen. Markten prijzen die kans verder uit, zichtbaar via de FedWatch-tool. Verderop in de keten broeit nog meer druk, want de stage 1 intermediate demand steeg 12,3 procent. De volledige reeks vind je bij TradingEconomics.
The Producer Price Index for final demand rose 1.1 percent in May, seasonally adjusted.
Bureau of Labor Statistics, 11 juni 2026
Bitcoin houdt stand boven 61.000 dollar
De koers bleef opvallend rustig na het nieuws. Bitcoin zakte kort naar 61.028 dollar en veerde meteen terug. Boven de 63.200 dollar lag de top van de dag. Ether bewoog amper en bleef rond 1646 dollar. Vorige week oogde het beeld nog grimmig, met ruim een miljard liquidaties onder de 64.000 dollar. Het bredere marktverslag van CoinDesk schetste toen een somber plaatje. Analisten wijzen op een veelbesproken trendlijn die al negen jaar standhoudt.
Wat het rentebesluit in Frankfurt betekent
Voor Nederlandse beleggers telt vooral het rentebesluit van Frankfurt. Een hardnekkige Amerikaanse inflatie houdt de dollar stevig overeind. Dat drukt op de euro en raakt exportnamen op de AEX. Rentegevoelige aandelen zoals ASML bewegen mee met dat sentiment. Wie crypto aanhoudt, voelt dezelfde macrowind. Gisteren zette het CPI-cijfer Bitcoin al klem, zoals we eerder beschreven. Het macro-overzicht van vandaag staat eveneens online.
De rotatie uit risico verloopt al weken, zo merkte een analyse van CNBC eerder op. Beleggers schuiven liquiditeit weg van crypto naar veiligere hoeken. Een hete inflatieprint versnelt die beweging zelden, maar remt het herstel wel.
| Snel overzicht koersen |
|---|
| 1Bitcoin rond 62.800 dollar, ruim 1 procent hoger op de dag |
| 2Dagbereik Bitcoin tussen 61.028 en 63.260 dollar |
| 3Ether vlak rond 1.646 dollar |
| 4PPI jaarcijfer 6,5 procent, kern 5,1 procent |
Veelgestelde vragen
Wat zijn producentenprijzen precies?
Het zijn de prijzen die producenten ontvangen voor hun goederen en diensten. Ze lopen vaak voor op de consumentenprijzen. Economen kijken er daarom scherp naar.
Waarom raakt de PPI de Bitcoin-koers?
Een hoge PPI maakt een renteverlaging minder waarschijnlijk. Duurder geld remt risicovolle beleggingen af. Crypto valt in die categorie.
Wat doet de ECB met deze cijfers?
De ECB kijkt vooral naar de inflatie in de eurozone zelf. Toch weegt het Amerikaanse beeld mee via de wisselkoers. Een sterke dollar verhoogt namelijk de importprijzen.
De prijsdruk in de keten koelt voorlopig niet af. Beleggers houden het volgende Fed-besluit daarom nauwlettend in de gaten. Eén datapunt bepaalt zelden de hele richting. Crypto blijft volatiel, dus beleg nooit met geld dat je niet kunt missen.
Bron: CoinCodex






