Veertig jaar geleden hield ik mijn eerste boekhouding bij in een schriftje. Elk kwartaal telde ik de cijfers op en wist ik precies waar ik stond. Sindsdien heb ik geleerd dat cijfers zelden op zichzelf staan. Ze vertellen een verhaal. Het Centraal Bureau voor de Statistiek publiceerde deze ochtend drie rapporten. Los van elkaar zeggen ze iets. Samen zeggen ze veel meer.
- 1
Het consumentenvertrouwen daalde in maart naar -30. Dat is de grootste maandelijkse daling in bijna vier jaar. - 2
Het reƫel beschikbaar inkomen van huishoudens steeg in 2025 met 2,7%. De werknemersbeloning groeide met 6,4%. - 3
De hypotheekschuld van Nederlandse huishoudens staat op ā¬935,9 miljard. Spaartegoeden: ruim ā¬540 miljard. - 4
CBS snelle raming maart 2026: inflatie stijgt naar 2,7%. Energie inclusief motorbrandstoffen steeg met 6,5% op jaarbasis. - 5
Rabobank verwacht dat de CPI-inflatie oploopt naar gemiddeld 3,3% over heel 2026 door de doorwerking van hogere energieprijzen.
Het consumentenvertrouwen: de grootste klap in vier jaar
De eerste publicatie van vandaag is direct voelbaar. Het consumentenvertrouwen daalde in maart naar -30. In februari stond het nog op -24. Dat is een daling van zes punten in ƩƩn maand. Dat klinkt als een getal, maar in de praktijk betekent het dit: mensen voelen zich slechter over hun financiƫle toekomst dan op bijna elk moment in de afgelopen vier jaar. Het twintigjarige gemiddelde staat op -11. Wij zitten nu op -30. De deelindicator economisch klimaat daalde nog scherper, van -42 naar -54. Bovendien zegt de meerderheid van de Nederlanders dat dit geen goed moment is voor grote aankopen. De koopbereidheid staat op -15, tegen -11 in februari. Dat heeft gevolgen voor de economie. Als mensen geen auto kopen, geen keuken vervangen, geen reis boeken, dan vertraagt de economie. Dat effect werkt pas maanden later door in de cijfers, maar het begint hier.
Het inkomen: lonen stegen, maar de hypotheekschuld ook
De tweede publicatie geeft een ander beeld. Het reƫel beschikbaar inkomen van Nederlandse huishoudens steeg in 2025 met 2,7 procent. De werknemersbeloning groeide zelfs met 6,4 procent, aangejaagd door hoge cao-akkoorden. Dat is goed nieuws. Maar er is een andere kant. De hypotheekschuld van Nederlandse huishoudens groeide in 2025 met 48,1 miljard euro en staat nu op 935,9 miljard euro.
Tegelijkertijd liggen de spaartegoeden op ruim 540 miljard euro. Dat is veel geld, maar het zit bij mensen die het niet direct nodig hebben. De mensen met hoge hypotheekschulden en stijgende energierekeningen voelen de druk anders dan de cijfers doen vermoeden. Inkomensgroei op papier is ƩƩn ding. Wat er overblijft na huur, hypotheek, energie en boodschappen is een ander verhaal.
Lees ook hoe wij afgelopen week de marktstructuur analyseerden in het licht van deze druk.
De inflatie in maart: energie trekt omhoog
De derde publicatie van vandaag is de snelle raming van de inflatie voor maart 2026. De inflatie steeg van 2,4 procent in februari naar 2,7 procent in maart. Op maandbasis stegen de prijzen met 0,7 procent vergeleken met februari, precies het historisch gemiddelde voor deze maand. Maar de grafiek hieronder laat zien waar die stijging vandaan komt.

Energie inclusief motorbrandstoffen steeg met 6,5 procent op jaarbasis, tegen 0,0 procent in februari. Dat is veruit de grootste stijger in het mandje en de directe verklaring voor de oplopende inflatie. Diensten kwamen uit op 3,8 procent, licht lager dan de 4,2 procent in februari. Voedingsmiddelen stegen naar 2,0 procent, omhoog van 1,4 procent in februari. Industriƫle goederen bleven stabiel op 0,4 procent. Consumptie in het buitenland bleef negatief op -0,5 procent.
Zonder energie zou de inflatie gematigd zijn gebleven. Energie is de motor achter de stijging, aangejaagd door de Iran-oorlog. Rabobank herzag eind maart zijn raming naar 3,3 procent CPI-inflatie voor heel 2026. De Nederlandsche Bank berekende dat de inflatie bij aanhoudend hoge energieprijzen met meer dan ƩƩn procentpunt kan oplopen. De ECB voorziet een piek van 3,1 procent in de eurozone in het tweede kwartaal. Bekijk ook onze analyse van gisteren over de keten van PPI naar CPI.

Wat deze drie rapporten samen vertellen
Als ik deze drie publicaties naast elkaar leg, zie ik een Nederlands huishouden dat er in 2025 beter voor stond op papier, maar dat nu snel het vertrouwen verliest. De lonen stegen, maar de hypotheekschulden ook. Het inkomen groeide, maar het vertrouwen daalt het snelst in vier jaar. En de inflatie, die net leek te stabiliseren, stijgt alweer. Dat is de combinatie die mij als boekhouder moeite kost. Hogere inkomens, hogere schulden, dalend vertrouwen en oplopende inflatie tegelijk.
Dat hoeft niet te eindigen in crisis. Maar het vraagt om voorzichtigheid. Voor beleggers betekent dit: houd de ECB-vergaderingen in de gaten, want hogere inflatie in de eurozone kan het renteverhaal opnieuw in beweging brengen. Voor huishoudens: de koopkrachtverbetering van 2025 kan in 2026 deels worden teruggenomen als de energierekening doorzet.
En voor de cryptomarkt geldt wat altijd geldt: macro-druk duwt risicovolle beleggingen omlaag voordat ze opstijgen.






